Verpleeghuisje aan huis: Het verhaal van een mantelzorger

Verhaal van mantelzorger over hulp thuis

 

We hebben slechte ervaringen met onze eerste hulp bij het aan en uitkleden.

Een verzorgster stond achter jou en dwong je tot opstaan door hard onder je schouderbladen te drukken.

Je schrok heel erg en het deed pijn.

Je was ook heel boos.

Je dacht dat ik het had gedaan.

Je pakte mijn armen wel tien minuten stijf vast. Dat deed pijn.

Nu zeg je nog steeds plotseling: ”Dat mag jij nooit meer doen.”

Je vertrouwt me nog steeds niet helemaal en het is nu al 6 weken geleden. 

Nu hebben we een andere thuiszorg organisatie.

Toen jij op de boerderij was heb ik samen met een vriendin een gesprek gehad met de directeur. 

Hij begrijpt wat er is gebeurd.

Ik vertel dat het nu heel moeilijk is om jou te helpen.

Maar ik wil zo graag samen met jou blijven.

En zonder hulp gaat dat niet.

De verzorgsters komen op een vast tijdstip dat voor ons goed uitkomt.

Ze nemen een uur de tijd.

As je niet wilt douchen dan hoeft dat niet.

Ze doen erg hun best.

Sommigen zijn eerst bang. Je grijpt ze soms ineens vast. Dit is onveilig.

We leren je signalen begrijpen.

Als je gaat blazen op de handen van de verzorgster is dat een teken dat je niet wilt dat ze aan je komt .

Het is wel lastig, maar ook mooi dat je toch je grenzen kan aangeven op zo’n vreedzame manier. 

Ik zeg steeds: “het geeft niet als niet alles lukt, dan maar niet scheren of douchen.”

Langzamerhand begint iedereen te leren hoe ze met jou om moeten gaan.

Sommigen zijn te onrustig en dan lukt het niet. Dan komen ze niet weer en er komt er iemand anders.

Er is een groep van 6 verzorgsters die om de beurt komen.

Dat is niet moeilijk voor jou en ook niet voor mij. Het voelt vertrouwd.

We hebben nu ook ‘s avonds hulp bij het uitkleden en verschonen. 

Meestal lig je in bed na een half uur of een uur. Soms wil je niks of begrijp je niet wat er moet gebeuren. Dan help ik je later. 

De verzorgsters zeggen dat ze niet eerder iemand hebben verzorgd die thuis woont en die zo ver in de alzheimer is .

Ze zien dat wij van elkaar houden en begrijpen hoe fijn het voor jou en mij is dat je thuis bent.

We werken met elkaar samen om het leven nog zo goed mogelijk te maken.

Ze hebben teamoverleg over jou en stimuleren elkaar. 

Als je niet meer naar de boerderij kunt, omdat het te veel onrust geeft kan ik ze inhuren voor langere tijd.

Het is fijn dat ik dan een poosje weg kan. 

Ik ga ook een enkele keer een dag weg.

Zij gaan met je wandelen, in de tuin zitten, een boek lezen, tv kijken of gewoon maar samen zitten.

Je wilt niet altijd wat doen.

Als ik terug kom vragen ze of ik het prettig heb gehad. Ze willen echt graag dat ik me ontspannen kan en plezier heb. 

Zo helpen ze ons ieder op hun eigen manier met veel liefde en inzet.

Ze geloven erin dat het goed is voor ons alle twee dat je thuis blijft.

We hebben nu een verpleeghuisje in ons eigen huis.

Zo gaat het weer goed met ons. 10